Naar de bron van de Guadalquivir

‘Je moet naar Sierra de Cazorla’, adviseert Anna, onze Spaanse vriendin. Ze spreidt een topografische kaart van het gebied uit op de tafel in haar appartement in Granada. Wij buigen ons er overheen. ‘De Sierra de Cazorla, Segura y Las Villas is het grootste beschermde natuurgebied in Spanje. Het heeft bossen, grillige bergen en veel wilde dieren,’ vertelt Ana enthousiast. ‘Beloof me dat je in ieder geval een wandeling maakt langs de Rio Borosa en naar het plateau Poyes de Mesa gaat.’ Dat beloven we.

Even geen Andalusische hoogtepunten

Het is na een kleine week Andalusië dat we behoefte krijgen aan Natuur. Even geen steden met Moorse forten en musea, druk verkeer en winkelend publiek. We zoeken een klein dorp in de bergen, als uitvalsbasis voor een paar dagen wandelen. Volgens Ana zou Cazorla het allemaal waar moeten maken. De volgende ochtend rijden we vanuit Granada naar het noordoosten. Het land bestaat uit heuvels vol rijen olijfbomen, tot aan de Sierra. Na drie uur rijden bereiken we Cazorla en rijden het dorp in. Nog eens twintig minuten later hebben we veel smalle eenrichtingsstraatjes vaker gereden en zijn we voor de tweede keer op het pleintje bij ons hotel. Terwijl de auto de straat blokkeert, ren ik gauw naar binnen en vraag waar ik kan parkeren.

Allemaal boeren in Cazorla

Die middag verken ik het dorp. Op Plaza Santa Maria, een ovaal plein met platanen en barretjes, staan de overblijfselen van een renaissance kerk. De overgebleven toren huisvest nu de VVV. Langzaam stijg ik verder langs de Rio Cerezuelo en buig af naar Castillo de la Yedra, een verdedigingsfort uit de middeleeuwen. Het uitzicht stemt tot overpeinzingen over de geschiedenis van het dorp. President Franco dwong alle bewoners uit het omliggende gebied om hun huis op te geven en naar Cazorla te verhuizen. Niet omdat hij tijdens het jagen per ongeluk een boer kon raken, hij wilde meer controle op de bevolking kunnen uitoefenen.

De kloof langs de Rio Borosa

Laat ik beginnen met een waarschuwing: dit is een klassieker die in de vakantiemaanden en in het weekend verschrikkelijk druk is. Op een doordeweekse dag in februari komen we echter maar enkele gezinnen tegen. We wandelen over een brede, onverharde weg langs de rivier die uiteindelijk eindigt bij een waterkrachtcentrale. Het pad heeft weinig hoogteverschil en wanneer je tussen de naaldbomen door kijkt, zie je het heldere water van de rivier stromen. De route is wat saai, gelukkig komt daar na 2 kilometer verandering in. Het pad wordt smaller en je loopt door de kloof over houten vlonders en bruggetjes. Dan wordt het tijd voor tapas en wandelen we terug naar de auto.

Het kalkplateau Poyos de la Mesa

Om de Sierra de Cazorla in te komen, rijd je vanuit Cazorla naar een pas. Vlak daarna volgt het uitzichtpunt ‘Mirador Las Palomas’ met een weids uitzicht over de beboste bergtoppen van de Sierra. We zijn op weg naar Poyos de la Mesa, een geërodeerd kalkplateau met prachtig uitzicht. Onderweg spotten we eekhoorns, herten en zelfs een wild zwijn. Wanneer de smalle asfaltweg overgaat in een onverhard pad, doen we een weddenschap: er is vast niemand anders. Bij het begin van de wandeling parkeren we de auto in de berm, naast de enige andere auto. Het pad is goed begaanbaar en kronkelt door het bos. Na twee uur wandelen bereiken we het plateau. De lucht is blauw, de zon schijnt. Wat een fantastische plek!

De volgende ochtend verlaten we Cazorla en pakken we onze route door Andalusië weer op. De Sierra de Cazorla was een gouden tip van Ana en we doen onszelf een nieuwe belofte. De volgende keer komen we om de GR247 te lopen, in 21 etappes door het natuurgebied. Ana vertelde dat je onderweg in onbemande hutten kunt slapen. Dat lijkt ons geweldig.